Vier Sterren

welkom op de blog van Wim Gabriels

Tag archief: VMM

Oppervlaktewaterkwaliteit in Vlaanderen: de jaarlijkse bevindingen van de VMM

Hoe is het gesteld met de kwaliteit van het oppervlaktewater in Vlaanderen? De Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) brengt met haar meetnetten de toestand van de oppervlaktewateren en de bronnen van waterverontreiniging in kaart. Jaarlijks publiceert de VMM haar bevindingen op basis van de metingen van het afgelopen jaar. Deze week verscheen het Jaarrapport Water 2011.

De VMM concludeert dat de waterkwaliteit in Vlaanderen een stuk beter is dan enkele decennia geleden, en dit dankzij investeringen in waterzuivering en de inspanningen van landbouw en bedrijven. De laatste jaren verloopt deze verbetering echter veel minder snel. Het bereiken van de doelstellingen van de Europese kaderrichtlijn Water, die niet alleen rekening houdt met de fysische en chemische kwaliteit van het water, maar ook met de aanwezige fauna en flora, is volgens de VMM nog veraf.

Het jaarrapport van de VMM verschijnt niet in gedrukte vorm, maar in webformaat. Via de link kan je de algemene conclusies lezen en tevens de meetresultaten bekijken voor de verschillende aspecten van de waterkwaliteit en de bronnen van verontreiniging.

Hoe zit het intussen met de luchtkwaliteit in Vlaanderen?

Kunnen we zonder zorgen diep ademhalen, of lopen we beter met een gasmasker rond, als we ons pensioen willen halen? De Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) lanceerde afgelopen vrijdag twee nieuwe rapporten over de luchtkwaliteit in Vlaanderen. Daaruit blijkt dat de luchtkwaliteit er in Vlaanderen op vooruitgegaan is.

Het Jaarverslag Luchtkwaliteit in het Vlaamse Gewest 2009 geeft een overzicht van de resultaten van de luchtkwaliteitsmetingen in 2009. Van de meerderheid van de schadelijke stoffen, zoals zwaveldioxide en benzeen, zijn de concentraties de afgelopen decennia gedaald. Ook de concentraties aan fijn stof zijn gedaald, maar de daggrenswaarde (maximum 35 dagen per jaar met een te hoge concentratie) werd op een kwart van de meetplaatsen niet gehaald. Verder zijn er ook nog heel wat lokale problemen met stikstofdioxide, zware metalen en PCB’s.

Het Jaarverslag Lozingen in de lucht 1990-2009 geeft een overzicht van de uitstoot van de belangrijkste luchtverontreinigende stoffen door de industrie, de gebouwenverwarming, het verkeer en de land- en tuinbouw. Uit dit rapport blijkt dat de dalende trend op het vlak van uitstoot van vervuilende stoffen zich in 2009 doorgezet heeft.

Meer details kun je natuurlijk vinden in de rapporten zelf!

Druk op het milieu in Vlaanderen lichtjes afgenomen

De Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) publiceerde deze week het MIRA Indicatorenrapport 2010. MIRA staat voor Milieurapport Vlaanderen. Het rapport bevat een groot aantal cijfers die een beeld geven van de toestand van het milieu en de menselijke druk op het milieu in Vlaanderen.

Uit het rapport blijkt dat sinds 2005 het energieverbruik in Vlaanderen is gedaald. De daling van het energieverbruik was ook het sterkst in 2009. Maar door de crisis is het bruto binnenlands product van Vlaanderen in 2008 minder snel gestegen dan voorheen en in 2009 zelfs gedaald. De daling van het energieverbruik kan dus gedeeltelijk aan de crisis toegeschreven worden.

De crisis heeft tegelijk ook zijn gevolgen voor de uitstoot van de industrie naar lucht en water. Zo is de uitstoot van stikstofoxiden door de metaalindustrie sterk gedaald in 2009, hoofdzakelijk door de tijdelijke stilstand van belangrijke installaties.

De uitstoot van CO2 is sinds 2005 aanhoudend gedaald, maar ligt wel nog steeds hoger dan in 1990. Vlaanderen haalt wel de kyoto-doelstellingen, maar dat is vooral te danken aan de verminderde uitstoot van andere broeikasgassen.

Ook de luchtkwaliteit is er de laatste jaren lichtjes op vooruitgegaan, vooral wat betreft de concentratie aan fijn stof en benzeen. De waterkwaliteit is eveneens lichtjes verbeterd, maar blijft nog altijd ver onder de beoogde doelstellingen.

Er is in Vlaanderen dus een beperkte daling van de druk op het milieu te merken, maar die is wel voor een deel aan de crisis te wijten. We hebben duidelijk nog een lange weg af te leggen. In het rapport wordt er ook op gewezen dat de gemiddelde Vlaming een ecologische voetafdruk heeft die meer dan dubbel zo hoog is als die van de gemiddelde wereldburger. Een beleid gericht op duurzame productie en consumptie is dus meer dan nodig.

Naast het rapport, dat integraal gedownload kan worden, is een meer uitgebreide set van indicatoren te raadplegen in de rubriek feiten en cijfers op www.milieurapport.be.

Waterkwaliteit in Vlaanderen: het einddoel is nog veraf

Elk jaar maakt de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) de balans op van de kwaliteit van oppervlaktewater en waterbodems in Vlaanderen en de evolutie van afvalwaterlozingen door bedrijven en zuivering van huishoudelijk afvalwater. Het nieuwste rapport, het Jaarrapport Water 2009, is sinds vandaag beschikbaar op de website van de VMM.

Uit het rapport blijkt dat de waterkwaliteit in Vlaanderen de laatste twee decennia sterk verbeterd is dankzij investeringen in zuivering van huishoudelijk afvalwater en inspanningen van landbouw en industrie. De laatste jaren is die verbetering echter veel minder uitgesproken.

Het gemiddelde zuurstofgehalte in de Vlaamse oppervlaktewateren blijft ongeveer op hetzelfde niveau als het jaar voordien. Ook de gehaltes aan nutriënten zoals nitraten en fosfaten zijn vergelijkbaar met die van de laatste jaren. Het gebruik van bestrijdingsmiddelen, niet alleen in de landbouw, maar ook door particulieren, heeft eveneens een belangrijk effect op de waterkwaliteit. Op veel meetplaatsen vond de VMM meer dan 25 verschillende pesticiden. In een aantal oppervlaktewateren kan een acuut toxisch effect verwacht worden omdat de maximum aanvaardbare concentratie één of meermaals overschreden wordt. Voor Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen (PAKs) wordt op de meeste meetplaatsen een overschrijding vastgesteld. Bijna alle onderzochte waterbodems zijn licht tot sterk verontreinigd. Ook de biologische waterkwaliteitsdoelstellingen worden op de meeste plaatsen niet gehaald. Omdat deze laatste van groot belang zijn voor het bereiken van de doelstellingen van de Europese Kaderrichtlijn Water, is er dus nog een lange weg af te leggen.

De resultaten van de waterkwaliteitsmetingen van de VMM kunnen online geconsulteerd worden via het Geoloket Waterkwaliteit op de VMM-website.

De Vlaming leeft op zware voet

Hoe belastend is onze levenswijze eigenlijk voor de planeet? En vooral, hoe zou je zoiets kunnen becijferen? Het team MIRA (Milieurapport Vlaanderen) van de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) gaf aan Ecolife vzw de opdracht om de ecologische voetafdruk van Vlaanderen te berekenen.

De ecologische voetafdruk is een maatstaf voor de menselijke impact op de planeet en wordt uitgedrukt als de totale benodigde oppervlakte voor productie van grondstoffen (voedsel, veevoeder, energie,…) en verwerking van afval. Het concept werd oorspronkelijk ontwikkeld in de jaren negentig door William Rees en Mathis Wackernagel aan de Universiteit van British Columbia in Canada, en geniet intussen wereldwijde bekendheid. Het grote voordeel ervan is de eenvoud: hoeveel ruimte van deze planeet is er nodig om iemands consumptiegedrag mogelijk te maken? Natuurlijk is zo’n indicator een sterk vereenvoudigde voorstelling van een uiterst complex vraagstuk, maar het geeft wel een idee wat de impact is van onze levenswijze.

De studie kwam uit op een voetafdruk van 6,3 hectare voor de gemiddelde Vlaming. Als je weet dat wereldwijd de totale bruikbare oppervlakte ongeveer 1,8 hectare per wereldburger bedraagt, dan is de rekensom snel gemaakt: als alle mensen zouden leven zoals de Vlamingen, zouden we meer dan drie wereldbollen nodig hebben om hen te kunnen onderhouden. Niet echt iets om trots op te zijn.

Het volledige rapport kan je hier nalezen. En wie zijn persoonlijke ecologische voetafdruk eens wil berekenen, kan terecht op de website van WWF.

Milieu en natuur in Vlaanderen anno 2030

Hoe zullen milieu en natuur in Vlaanderen eraan toe zijn in 2030? Een moeilijke vraag, want het antwoord hangt in belangrijke mate af van het gevoerde beleid van de komende twee decennia. De milieu- en natuurverkenning 2030, een gezamenlijke krachttoer van de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) en het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO), onderzoekt het antwoord op deze vraag aan de hand van verschillende beleidsscenario’s. De rapporten werden deze week samen gelanceerd in het Vlaams Parlement. Het is de eerste maal dat het Milieurapport (VMM) en het Natuurrapport (INBO) gezamenlijk werden voorgesteld; VMM en INBO hebben deze keer dan ook nauw samengewerkt.

De Milieuverkenning 2030 werd opgesteld door de VMM. Voor sociaal-economische ontwikkelingen zoals bevolkingsgroei gaat het rapport uit van prognoses van het Federaal Planbureau. Aan de hand daarvan werd het effect van verschillende beleidsscenario’s onderzocht. Daaruit bleek dat als het huidige beleid ongewijzigd wordt voortgezet, de uitstoot van broeikasgassen in 2030 met 31 procent zal zijn toegenomen ten opzichte van 2006. Voor luchtkwaliteit worden heel wat toekomstige doelstellingen, zoals voor fijn stof en ozon, niet gehaald. De verontreiniging van oppervlaktewateren zal wel afnemen, maar stikstof en fosfor zullen knelpunten blijven en de biologische waterkwaliteit zal slechts in geringe mate verbeteren. De scenario’s die op een meer ambitieus beleid zijn gebaseerd, leveren duidelijk betere resultaten op, hoewel een aantal knelpunten ook dan blijven bestaan. Maar de overgang naar een duurzame, koolstofarme samenleving is dan ook een proces van lange adem. Om dat doel te bereiken tegen 2050, moet die overgang nu ingezet worden, zo wordt besloten.

De Natuurverkenning 2030 werd door het INBO geschreven. Dit rapport focust op de gevolgen van milieukwaliteit en landgebruik voor de natuur, en bouwt daarbij verder op verschillende milieuscenario’s uit de Milieuverkenning. Daarbij werden telkens verschillende mogelijke beleidsscenario’s voor de natuur becijferd, die elk uitgaan van een vergelijkbaar budget. Daaruit blijkt dat een keuze maken uit deze scenario’s niet zo eenvoudig is: één van de scenario’s is bijvoorbeeld het beste voor planten en dieren van heide en moeras, terwijl een ander scenario beter is voor gevoelige soorten van grasland en akker. Maar wat wel duidelijk blijkt, is dat de natuur beter af zou zijn met een meer ambitieus milieubeleid.

De grote hoeveelheid cijfermateriaal kon niet allemaal in de rapporten opgenomen worden. Daarom werd in samenwerking met de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) een interactieve webtoepassing ontwikkeld waarmee het effect van de verschillende scenario’s op kaart geconsulteerd kan worden.

VMM en INBO wijzen erop dat deze rapporten geen toekomstvoorspelling zijn, maar wel een beschrijving van ontwikkelingen die zich onder bepaalde omstandigheden kunnen voordoen. Die inzichten moeten helpen om nu de juiste beleidskeuzes te maken. En beide rapporten tonen aan dat we voor grote uitdagingen staan. Maar, zo besluiten VMM en INBO, als we ook na 2050 een leefbaar en duurzaam Vlaanderen willen, mag er niet getreuzeld worden.

De luchtkwaliteit in Vlaanderen onder de loep

Vandaag publiceerde de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) twee nieuwe rapporten over de luchtkwaliteit in Vlaanderen.

Het Jaarverslag Lozingen in de Lucht 1990-2008 geeft een overzicht van de uitstoot van verontreinigende stoffen in de lucht. Daaruit blijkt dat de uitstoot van heel wat verontreinigende stoffen (zoals CO, dioxines, fijn stof, SO2, NH3, stikstofoxiden en vluchtige organische stoffen) aanzienlijk is gedaald sinds het begin van de jaren 90. De totale uitstoot aan broeikasgassen (elk uitgedrukt als CO2-equivalenten) is daarentegen slechts met 8 procent gedaald in de periode 1990-2008. Wanneer enkel naar CO2 gekeken wordt, is de uitstoot zelfs toegenomen.

Het Jaarverslag Luchtkwaliteit 2008 bespreekt dan weer de luchtkwaliteit zelf. De inspanningen om minder vervuilende stoffen uit te stoten blijken inderdaad voor heel wat van die stoffen, zoals benzeen en zwaveldioxide, een daling van de luchtconcentratie op te leveren. Voor andere stoffen, zoals stikstofoxiden, fijn stof en ozon is die verbetering echter minder uitgesproken, omdat er geen lineair verband bestaat tussen de uitstoot en de gemeten concentraties.
De meetresultaten van 2008 voldoen voor de meeste stoffen aan de geldende Vlaamse en Europese normen. De belangrijkste uitzondering hierop is fijn stof, waarvoor op één derde van de meetposten de daggrenswaarde overschreden werd. Sommige normen zullen in de toekomst echter strenger worden. Zo wordt de norm voor stikstofdioxide strenger vanaf 2010. De VMM verwacht dat het moeilijk wordt om die norm te halen in de Antwerpse haven en op verkeersintensieve locaties, vooral als gevolg van het toenemend aantal dieselvoertuigen.

Globaal genomen is het, op een aantal aandachtspunten na, dus niet zo slecht gesteld met de luchtkwaliteit in Vlaanderen. Al blijft er, aan de vooravond van de klimaattop van Kopenhagen, de zorgwekkende vaststelling dat we er nauwelijks in slagen onze uitstoot van broeikasgassen terug te dringen.

Nieuw rapport over de oppervlaktewaterkwaliteit in Vlaanderen

Het controleren van de kwaliteit van de oppervlaktewateren en waterbodems in Vlaanderen behoort tot de taken van de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM). Deze week publiceerde de VMM haar Jaarrapport Water 2008.

Uit dit jaarrapport blijkt dat de kwaliteit van de Vlaamse oppervlaktewateren verder verbeterd is. De gemiddelde zuurstofconcentratie bijvoorbeeld was in 2008 het beste sinds het begin van de metingen in 1991. Ook voor ammonium en orthofosfaat is er verbetering opgetekend: de gemiddelde concentraties zijn de laatste twee decennia duidelijk gedaald, hoewel de daling de laatste jaren minder uitgesproken was. Zwaar verontreinigde waterlopen zijn een zeldzaamheid geworden in Vlaanderen.

Toch is er nog een lange weg te gaan, stelt VMM. De helft van de meetplaatsen voldoet nog steeds niet aan de zuurstofnorm, en voor de biologische waterkwaliteit haalt zelfs maar één derde van de meetpunten de wettelijke basiskwaliteitsnorm. De kwaliteit van de waterbodems is doorgaans slechter dan die van de waterkolom zelf. Slechts 2 procent van de onderzochte waterbodems werd beoordeeld als ‘niet verontreinigd’.

Ook de bedrijfslozingen in het water worden door VMM opgevolgd. De totale impact daarvan verminderde in 2008 lichtjes ten opzichte van het jaar voordien. En tot slot is er ook vooruitgang geboekt in de uitbouw van de zuiveringsinfrastructuur voor huishoudelijk afvalwater. Eind vorig jaar werd 73% van het huishoudelijk afvalwater in Vlaanderen gezuiverd. Maar op te veel plaatsen wordt de werking van de waterzuiveringsinfrastructuur nog steeds belemmerd door een te hoge aanvoer van hemelwater naar de rioleringen.

De samenvatting van het jaarrapport is beschikbaar in de vorm van een zakboekje. En via het Geoloket Waterkwaliteit op de VMM-website kunnen de resultaten van de waterkwaliteitsmetingen van de VMM ook online geconsulteerd worden.

Hoe is het intussen gesteld met het milieu in Vlaanderen?

Hoe zit het met dat kleine lapje grond aan de Noordzee? Hoe ziek of gezond is het leefmilieu hier, en is de toestand aan het verbeteren, of juist niet? Daarover brengt de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) regelmatig verslag uit met het
Milieurapport Vlaanderen (MIRA). Deze week verscheen één van deze MIRA-rapporten, namelijk het MIRA-T 2008 Indicatorrapport.

In dit rapport neemt de VMM een hele reeks facetten van het milieu in Vlaanderen onder de loep en vergelijkt de toestand onder meer met de doelstellingen van het milieubeleidsplan van de Vlaamse Regering. Al deze thema’s krijgen telkens een eindbeoordeling onder de vorm van een smiley. Het verdict loopt nogal uiteen naargelang het thema: in veel gevallen is er verbetering, maar die volstaat lang niet altijd. De algemene conclusie van VMM luidt dat de milieudruk in Vlaanderen wel daalt, maar niet snel genoeg om de milieukwaliteitsdoelstelllingen te halen.

Water in het huishouden: alles kan beter!

Giet je je verfresten door de gootsteen, of breng je ze naar het containerpark? Spoel je je toilet door met leidingwater of met hemelwater? Alles wat je doet heeft een impact op het milieu en alle beetjes helpen om die impact zo klein mogelijk te houden. Wat niet onbelangrijk is in een dichtbevolkt landje als het onze.

Vandaag lanceerde de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) de brochure Een Watervriendelijk Huishouden, vol met praktische tips hoe je op een milieuvriendelijke manier met water kan omgaan in het huishouden. En dat is meestal nog goed voor je portefeuille ook.

Je kan de brochure bestellen maar je kan ze ook gewoon downloaden.

En de lucht?

Na het water, nu de lucht! Vorige week publiceerde de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) haar jaarrapport oppervlaktewater, en vandaag was het de beurt aan de luchtkwaliteit, want ook die wordt door de VMM nauwlettend in de gaten gehouden.

Er werden vandaag twee nieuwe rapporten over lucht voorgesteld, namelijk het Jaarverslag Lozingen in de Lucht 1990-2007 en het Jaarverslag Luchtkwaliteit 2007.

Uit deze rapporten blijkt dat door de vele inspanningen om minder vervuilende stoffen uit te stoten, de concentratie van een aantal van deze stoffen in de lucht in Vlaanderen vandaag lager ligt dan bij het begin van de metingen, begin jaren negentig. Voor sommige stoffen is die kwaliteitsverbetering zelfs spectaculair, maar voor een aantal andere, zoals stikstofoxiden, fijn stof en ozon is de verbetering minder uitgesproken en niet altijd evenredig met de gedaalde uitstoot.

Alle momenteel geldende wettelijke luchtkwaliteitsnormen werden in 2007 gehaald, op twee na: die voor lood, die op één van de meetplaatsen, in Beerse, overschreden werd, en die voor fijn stof. Voor fijn stof werd op 21 van de 31 meetplaatsen de daggrenswaarde voor PM10 (fijn stof met een diameter kleiner dan 10 micrometer) meer dan 35 keer, het Europees geldende maximum, overschreden. Verder werden in een aantal probleemgebieden de toekomstige normen voor stikstofdioxide en de toekomstige streefwaarden voor cadmium, nikkel en arseen niet gerespecteerd. Ook de langetermijndoelstelling voor ozon lijkt moeilijk haalbaar.

Lucht

Globaal genomen is de balans dus eerder positief te noemen. We kunnen dus weer een jaartje opgelucht ademhalen. Maar voor alle zekerheid, toch niet te diep inhaleren…

Bronnen:
VMM (2008). Jaarverslag Lozingen in de Lucht 1990-2007. Vlaamse Milieumaatschappij, Erembodegem.
VMM (2008). Jaarverslag Luchtkwaliteit in het Vlaamse Gewest 2007. Vlaamse Milieumaatschappij, Erembodegem.

Is het Vlaamse oppervlaktewater gezond?

Hoe is het gesteld met de kwaliteit van het oppervlaktewater in Vlaanderen? Om op deze en andere vragen te kunnen antwoorden, heeft de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) uitgebreide meetnetten voor het opvolgen van de kwaliteit van de oppervlaktewateren en waterbodems en van de in het water geloosde vuilvrachten.

Deze week publiceerde de VMM haar Jaarrapport Water 2007, waarvan tevens een samenvatting beschikbaar is in de vorm van een zakboekje met de belangrijkste resultaten.

Het Vlaamse oppervlaktewaterDe VMM besluit dat de kwaliteit van het water in beken, kanalen en rivieren de voorbije 15 jaar aanzienlijk verbeterd is, maar voegt eraan toe dat die vooruitgang de laatste jaren minder uitgesproken is dan in de jaren negentig. Maar toen werden dan ook de saneringen met het grootste onmiddellijk effect uitgevoerd. Voor een aantal parameters is de trend duidelijk positief, voor andere is de trend van de curve eerder grillig. Voor een aantal basisparameters werden in 2007 de beste waarden genoteerd sinds het begin van de metingen.

Via het Geoloket Waterkwaliteit op de website van de VMM kunnen de resultaten van de waterkwaliteitsmetingen van de VMM ook online doorzocht worden. Zo weet u meteen hoe het met de beken en kanalen bij u in de buurt gesteld is.

Bron:
VMM (2008). Jaarrapport Water 2007. Water- en waterbodemkwaliteit – Lozingen in het water – Evaluatie saneringsinfrastructuur 2007. Vlaamse Milieumaatschappij, Erembodegem.