Vier Sterren

welkom op de blog van Wim Gabriels

Dennis McCarthy – Here Be Dragons

Het is een populaire misvatting dat op oude kaarten en wereldbollen op onbekende gebieden de waarschuwing “hic sunt dracones” (“hier zijn draken”) te lezen stond. Dennis McCarthy, wetenschappelijk onderzoeker aan het Buffalo Museum of Science (New York State, Verenigde Staten), legt uit dat er welgeteld één oude wereldbol bekend is waarop die boodschap voorkomt. Op de Hunt-Lenox wereldbol uit circa 1506, één van de oudst bekende wereldbollen, staat inderdaad “HC SVNT DRACONES” ter hoogte van Zuidoost-Azië. Maar zelfs die ene aanduiding op de Hunt-Lenox wereldbol verwijst in feite misschien naar de beruchte Komodovaraan (Engels: Komodo dragon) die inderdaad op enkele eilanden in Zuidoost-Azië voorkomt. Blijkbaar werden echte draken ook toen al grotendeels tot het rijk der fabelen gerekend.

De zinssnede is wel een gedroomde titel voor een boek over biogeografie. En zo titelde Dennis McCarthy zijn eerste boek, uit 2009, Here Be Dragons – How The Study Of Animal And Plant Distributions Revolutionized Our Views Of Life And Earth. Maar wat is biogeografie precies?

De biogeografie bestudeert de verspreiding van soorten in tijd en ruimte. Dat is niet zo triviaal als je misschien zou denken. Dennis McCarthy merkt op dat enkele van de belangrijkste wetenschappelijke revoluties uit de geschiedenis ontketend zijn door mensen die zich in de biogeografie verdiept hadden: Charles Darwin, Alfred Russel Wallace, Alfred Wegener en Edward O. Wilson om er slechts enkele te noemen. De studie van verspreidingspatronen van planten en dieren levert ons onschatbare informatie over de geschiedenis van onze planeet.

Voordat Darwin in 1859 zijn On The Origin Of Species publiceerde, heerste de oude opvatting dat alle soorten perfect gecreëerd zijn om in harmonie met hun fysische omgeving te leven. Maar kennis van biogeografie legt een fundamenteel probleem met deze zienswijze bloot. Want op basis van die theorie zou je verwachten dat op ver uit elkaar gelegen, maar gelijkaardige gebieden (bijvoorbeeld bergtoppen op verschillende continenten) dezelfde soorten zouden leven. Maar dat blijkt niet zo te zijn: de gelijkenissen tussen soorten zijn groter binnen éénzelfde gebied, dan bijvoorbeeld tussen twee continenten. De oude theorie bood geen verklaring voor deze gelijkenissen en verschillen. De verklaring moet natuurlijk gezocht worden in onderlinge verwantschappen. Daarom vind je zoveel soorten buideldieren in Australië en geen enkele in Europa: ze zijn onderling verwant, geëvolueerd uit een gemeenschappelijke voorouder.

Van Mesosaurus, een uitgestorven zoetwaterreptiel, weten we op basis van fossielen dat het voorkwam in het zuiden van Afrika en van Zuid-Amerika, maar nergens anders. Bizar, want hoe kon het deze afstand overbruggen terwijl het geen andere gebieden heeft kunnen koloniseren? Of waren beide gebieden ooit met elkaar verbonden? En zo komen we bijna vanzelf bij de continentendrift: de Atlantische Oceaan bestond nog niet ten tijde van Mesosaurus. Pas nadat de Oude en de Nieuwe Wereld van elkaar gescheiden waren, begonnen de soorten aan beide zijden uit elkaar te evolueren.

Met deze en vele andere voorbeelden toont dit boek aan hoe de biogeografie mee aan de basis lag van enkele fundamentele wetenschappelijke omwentelingen. Deze weinig bekende, maar uiterst belangrijke tak van de wetenschap vertelt ons waarom de verspreiding van planten en dieren over de wereld vandaag is zoals ze is, en niet anders.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: